Wat is de McDonaldcriteria?

Om tot de diagnose MS te komen, gebruiken artsen de zogenaamde McDonald criteria. Door de jaren heen is de criteria meerdere keren aangescherpt. De belangrijkste wijzigingen zijn erop gericht om mensen met een voorstadium van MS (CIS) sneller aan een juiste diagnose te helpen.

In 2001 zijn de McDonald criteria opgesteld om tot de diagnose MS te komen. Deze criteria schrijven voor welke afwijkingen op de MRI en in het hersenvocht aanwezig moeten zijn, om de diagnose MS te bevestigen. Een MRI moet bijvoorbeeld aantonen dat er ontstekingen zijn geweest op verschillende plekken (disseminatie in plaats) en op verschillende tijdsmomenten (disseminatie in tijd).

De belangrijkste verandering door de jaren heen, is dat mensen met CIS die op de MRI aanwijzingen voor ‘disseminatie in plaats’ (maar nog niet in tijd) vertonen, nu toch de diagnose MS kunnen krijgen op basis van de toevoeging van een ruggenprik. Bij een ruggenprik wordt hersenvocht uit het ruggenmerg afgenomen. Als er oligoclonale banden in het hersenvocht aanwezig zijn (deze zijn karakteristiek voor MS), kan er met de aangepaste criteria de diagnose MS gesteld worden.

Op deze manier is er voor de neuroloog een handige, overzichtelijke richtlijn om zeker te zijn van het stellen van de diagnose MS.