Marieke vertelt over haar studie

Marieke (23) heeft sinds 2018 de diagnose. Eerder vertelde ze al over de diagnose en revalidatie, deze keer vertelt ze over haar studie. 

Studie Bedrijfseconomie
‘Op het moment ben ik bezig met de afrondende fase van de HBO studie Finance & Control. Bij veel mensen beter bekend als bedrijfseconomie. Ik heb de diagnose gekregen tijdens mijn studie. Hierdoor zijn eigenlijk alle docenten en mijn medestudenten best betrokken geweest bij de hele weg tot de diagnose en ook daarna bij mijn revalidatie. Iedereen is op de hoogte en ik vind dat ook belangrijk. Als ik niet zou vertellen wat er aan de hand is en waarom ik er halve dagen ben of soms zelfs helemaal niet ben zou ik een hele vervelende, niet gemotiveerde student lijken denk ik. Ik heb gemerkt dat als je eerlijk bent en tegelijkertijd inzet toont er heel veel mogelijk is en andere mensen ook heel erg meedenkend en welwillend zijn.

Het was dus zeker een bewuste keuze om het wel te melden en ik raad het ook iedereen aan. Wanneer het dan even niet goed gaat kan je dat tenminste uitleggen. Ik denk dat wanneer je niet zegt wat er aan de hand is je smoesjes moet gaan bedenken of moet gaan liegen en daar heb je uiteindelijk alleen jezelf mee. ‘

AD traject
‘Ik doe, als het me lukt, een jaar langer over mijn studie dan de bedoeling is. Ik heb  mijn studie omgezet naar een AD traject. Dit betekent dat ik eigenlijk een half HBO doe. Ik krijg straks ook een AD diploma. Dit is niet een volledig HBO diploma maar wel hetzelfde werk en denkniveau. Ik heb dit besloten omdat ik weet dat ik straks niet fulltime aan het werk kan en het afronden van de volledige studie te veel zou gaan worden. Voor een parttime functie binnen de sector waar ik wil werken is AD genoeg dus dat was voor mij een hele goede uitkomst. Mocht ik toch nog meer willen en kunnen kan ik altijd doorleren of binnen een bedrijf proberen te groeien. Ik denk dat het vooral belangrijk is dat ik ergens binnenkom en aan het werk kan. 

Tijd om te verwerken
Na mijn diagnose ben ik eerst eventjes gestopt met school om alles te kunnen verwerken en te werken aan mijn revalidatie. Toen ik terugkwam heb ik direct een afspraak gemaakt met mijn decaan. Hier heb ik heel veel aan gehad. Hij heeft me heel veel opties gegeven hoe het allemaal anders kon en hoe het zo makkelijk mogelijk voor me werd. Zo heb ik langer de tijd voor tentamens, zit ik in een ander lokaal tijdens de tentamens en mag ik tussendoor even pauze nemen. Dit neemt ontzettend veel stress en prikkels weg waardoor het beter te doen is. Ik heb enorm veel last van vermoeidheid en concentratieproblemen. Dit zorgde in het begin wel voor moeilijkheden bij het volgen van colleges en het werken in drukke ruimtes. Colleges volg ik dus liever niet. Van zitten in een klaslokaal met allemaal mensen, fel licht, dan ook nog opletten wat er gezegd wordt en kijken naar een Digibord word ik gillend gek. Alle colleges komen online te staan en die werk ik zelf in alle rust thuis uit. Dit wordt geaccepteerd en voor mij werkt het goed. Werken in groepsverband is soms wel een beetje lastig. Hiervoor is duidelijke communicatie echt heel erg belangrijk. Aanwezig zijn is voor mij niet altijd te doen maar ik zeg altijd dat ik thuis aan het werk ga en als er iets besproken moet worden waar ik bij moet zijn bestaat er gelukkig Skype. 

 

Wat voor advies of tip wat betreft een opleiding volgen zou je graag aan anderen willen meegeven?
Zoals ik al eerder heb gezegd, wees eerlijk! Praat met je docenten, medestudenten en ook zeker met een decaan. Er is binnen scholen echt heel erg veel mogelijk en de decaan kent al deze opties als het goed is. Wil je gaan studeren dan moet je dat zeker doen en niet in problemen denken. Die problemen zullen er ongetwijfeld komen maar als ik iets heb geleerd dan is het dat ze altijd op te lossen zijn als je er maar over praat. 

Studentenleven
‘Voor ik aan deze studie begon had ik al drie jaar de hotelschool gedaan en op kamers gewoond in Groningen en Leeuwarden. Ik heb het studentenleven dus volop mogen meemaken. Tegenwoordig doe ik daar niet zoveel meer mee. Ik woon weer thuis bij mijn moeder in Emmen en daar gebeurt niet zo heel erg veel. Ergens vind ik dit jammer maar ook weer helemaal niet. Ik zou een fanatiek studentenleven nu absoluut niet meer kunnen combineren met studeren. Eigenlijk was ik daar ook al niet zo’n ster in toen er nog niks met me aan de hand was. In de weekenden ben ik vaak bij mijn vriend in Ommen en dan hebben we wel vaak feestjes. Dit gaat de ene keer beter dan de andere keer. Ik probeer wel altijd mee te gaan en mijn gezicht te laten zien maar soms hou ik het niet vol en ga ik iets eerder naar huis. Onze vrienden weten er ook allemaal van en die snappen dat helemaal. Wanneer we op vrijdag of zaterdag wat leuks gaan doen zoals een feestje weet ik wel dat ik de volgende dag niks kan doen. Meestal lossen we dat op met een goede serie op Netflix. Zo lang ik weet waar de vermoeidheid vandaan komt en er rekening mee kan houden vind ik dat niet zo erg.’

Parttime stage
‘Ik begin 3 februari met mijn stage en ik ga dit part time op kantoor doen en de rest van de uren thuis. Full time op kantoor  is echt geen optie. Omdat het een soort afstudeerstage is en er ook een onderzoek bij hoort wat ik voor het grootste gedeelte thuis kan doen is half op kantoor, half thuis een goede optie. De planning is nu dat ik dit een half jaar ga doen maar mocht het toch niet lukken met de uren dan ga ik iets langer door. Ik loop stage bij een leerbedrijf vanuit school. Hier heb ik bewust voor gekozen omdat hier veel mogelijkheden zijn. Hier heb ik een hele meedenkende stagebegeleider die samen met mij wil uitzoeken wat ik het beste vol kan houden. Of dat halve dagen gaan worden of bijvoorbeeld 3 dagen kantoor en 2 dagen thuis moet ik nog achter komen. 

Een echte droomfunctie heb ik niet echt omdat ik daar totaal niet mee bezig ben. Ik weet wel wat ik ongeveer wil doen en wat me leuk lijkt maar hoe dit uiteindelijk ingevuld moet gaan worden is me nog niet helemaal duidelijk. Ik ga na mijn studie  eerst maar eens even kijken waar ze mij willen hebben. Ik denk dat dat de grootste uitdaging gaat worden want ik wil wel bij elke sollicitatie eerlijk zijn over mijn situatie. Binnen mijn sector is gelukkig heel veel aanbod dus ik denk dat het uiteindelijk wel goed moet komen. Ik hoop wel dat het me gaat lukken ergens te kunnen werken waar ik mensen kan helpen en niet alleen maar bezig ben met het maken van zoveel mogelijk winst, wat in de financiële sector natuurlijk wel vaak het geval is. Mensen helpen die in de schuldsanering zitten of iets in die richting spreekt me daarom wel aan.’ 

Toekomstplannen
‘Ik ben niet bang voor de toekomst. Het kan zijn dat werken niet gaat lukken en dat ik niet kan doen wat ik wil maar ik kan er niks aan veranderen. Het belangrijkste vind ik dat ik weet dat er mensen om me heen zijn die me in alle mogelijke situaties die komen gaan zullen steunen en dat is wat alle angst voor de toekomst wegneemt.’